
Op de zonnige binnenplaats van het Kasteel van Ljubljana knielde Zarja bij het lage stenen bankje en zag ze een piepklein boogdeurtje in de muur. Naast haar hurkte Fran en wees naar kleine spoorrails die over de stenen kronkelden. „Waar gaan ze heen?”

Zarja duwde het piepkleine deurtje open en warme lantaarns verlichtten een smalle stenen gang. Aan het einde wachtte een fonkelende trein op kleine koperen rails. Fran keek er vol verwondering naar. „Allemaal instappen!”

Fran en Zarja klommen naar binnen en gingen op de fluwelig blauwe stoelen zitten. Sterrenramen fonkelden terwijl de lampen gloeiden, en het treintje begon te brommen. „We rijden!” juichte Zarja.

De trein rolde een enorme grot onder het kasteel in. Kristallen hingen als bevroren sterren aan de paarsgrijze wanden en glinsterende spikkels dansten door de lucht. Fran en Zarja keken vol verbazing.

Na de grot gleed de trein een heldere glazen tunnel onder de zee in. Aan beide kanten glinsterde blauw water, terwijl bellen langs Frans raam dreven en Zarja naar wuivend zeewier en koraal keek.

Een glimlachende zeemeermin zwom naast de trein. „Ik ben Mira,” riep ze, terwijl ze een gloeiende schelp naar kleurrijke vissen uitstak. Zarja zwaaide en Fran boog zich dicht naar het glas om het zachte, aquablauwe licht te zien.

Mira leidde hen langs een langzame zeeschildpad, wegschietende vissen en een sierlijke octopus. Fran wees vol verbazing, terwijl Zarja grijnsde naar de kronkelende armen. De gloeiende schelp fonkelde naast Mira.

Al snel vertraagde de trein bij een kruispunt van koraal. Twee spoorlijnen splitsten zich onder het wuivende zeewier, maar het donkere blauwe water verborg de weg terug. Zarja bestudeerde de rails, terwijl Fran onzeker keek en Mira haar schelp ophief.

Toen zag Fran naast het donkere pad een vaag krullend patroon. Het leek precies op de krullen rond het kasteeldeurtje! Zarja glimlachte dapper. „Laten we volgen wat jij hebt gezien,” zei ze, terwijl Mira de gloeiende schelp dichtbij hield.

Mira strekte haar gloeiende schelp uit en aquablauw licht krulde langs de donkere rails. Fran grijnsde trots terwijl Zarja blij haar hand opstak; de trein reed het stralende pad op.

De trein haastte zich door de glinsterende grot onder sprankelende kristallen. Aan de rand van de watertunnel zwaaiden Zarja en Fran Mira's verre blauwe gloed gedag.

Terug op de zonnige binnenplaats van het Kasteel van Ljubljana stonden Fran en Zarja trots naast het piepkleine deurtje. Ze wisselden een warme glimlach uit toen het dichtklikte en hun wonderlijke avontuur veilig binnen hield.